19 april 2006

Salar de Uyuni... Moet er nog zout zijn?

Het was alweer vroeg opstaan geblazen, als echte West-Europeanen is het onze verplichting om op tijd aanwezig te zijn, dit vertaald in 10 minutjes voor tijd... (de constatie is hier treffend dat onze familie, en ik incluus, uitzonderingen zijn en eerder van het zuiderlijk halfrond afkomstig zijn) wat me hier aardig lukt, weliswaar onder lichte druk van mijn plichtbewuste vriendin. Vlug nog wat inkopen doen, om niet om te komen van honger en dorst, het is uiteindelijk een tocht door de woestijn (we hadden nog tijd over...) om ons daarna gauw naar de agency te begeven. Tot onze grote verbazing stond de bus, die ons naar de grenspost en vervolgens naar onze terreinwagens moest brengen, al 5 minuten ongeduldig op volle toeren te draaien! Een ongewone situatie voor dit werelddeel...! Met rode wangetjes startten we richting Bolivie om een fantatische 3-daagse te beleven door de woestijn en af te sluiten met het hoogtepunt van deze trip, het zoutmeer 'Salar de Uyuni'.

Voorbij de douane van Chili en Bolivie zetten we koers richting Laguna Blanca en Laguna Verde (door het aanwezige magnesium, calciumcarbonaat, lood en arseen verkrijgt het meer een prachtig groene kleur), gelegen aan de voet van de vulkaan Licancabur (hoogte = 5916 m) om ginds een ontbijt te kunnen nuttigen (nergens te vinden in onze brochure maar toch welgekomen, doch daar stonden we dan met ons ontbijt net gekocht) en kennis te maken met onze gids die ons met al zijn kunde ons zal moeten leiden door de zanderige geimproviseerde wegen, en dan liefst toch nog met enige uitleg!

Nu kon onze rit eindelijk echt beginnen, met de rugzakken boven ons hoofd (Op het dak om precies te zijn) snelden we, samen met de andere belgen, Petra en David, en een ietwat saai Zwitsers koppel naar onze volgende halte: Termas de Polques, waar we een heerlijke ochtendduik konden nemen in de warme baden die een gezellige temperatuur van rond de 30ºC gaven. De 2 mannen onder ons konden het niet laten de kleren los te rukken en in een mum van tijd spurtten we de hot springs in. De vrouwen stonden erbij en keken ernaar, nog steeds onder indruk van deze mannelijke gecurvde verschijning...! Veel tijd om te genieten hadden we niet daar de gids al gas gevend ons duidelijk wil maken dat hij gauw de volgende bestemming wil bereiken.

Onze tocht door de Altiplano was als een constante fotoreeks: surrealistische landschappen wisselden zich af en elk streden ze naar de titel van 'miss dessert'... We wisten niet waar eerst te kijken. Zelfs de Spaanse meesterschilder, Salvador Dali vond er zijn inspiratie met tot gevolg dat het stukje woestijn zelfs naar zijn naam benoemd is (zie het bekende schilderij met de horloges die afglijden van onregelmatige rotsblokken). De volgende bestemming waren de geisers gelegen op de 4950m hoge Sol de Mañana. Dit vulkanisch verschijnsel spuwt hete sulferachtige stoom en een modder die overal een verschillende kleur waarneemt. Indrukwekkend zicht maar de aanwezigheid kan gevaarlijk zijn doordat op verscheidene plaatsen de aardbodem fragiele vormen aantoont en de stoom een verstikkend effect heeft. Bovendien maakt het geurtje van rotte eieren het ook niet echt aangenaam.
Onze eindhalte voor de eerste dag is Laguna Colorado, waar onze slaapplaatsen ons worden aangeduid. Op onze flyer staat beschreven 'basic', wel... de flyer beschrijft het juist...! Na onze rugzakken een plaatsje te geven worden we getrakteerd op een 'namiddagmaal': 2 oude vrouwtjes serveerden ons eten dat dan toch beter was dan eerst gevreesd. Hoe ze dit klaarspelen willen we niet weten, de keuken van enkele vierkente meters groot is niet in het bezit van de meest nodige eigenschappen die een keuken zou moeten hebben: elektriciteit en stromend water. Met gevulde maag waagden we ons dan aan een wandeling langs het meer waar duizenden Flamingo´s het wateroppervlak afschuimen naar de algen die het meer die uitdrukkelijk rode kleur geven. Makkelijk ging het alvast niet want iedere inspanning op het 4278m hoog gelegen gebied koste heel wat energie! Maar de moeite loonde zeker, de plaatselijke roosgekleurde bewoners trakteerden ons op prachtige natuurtaferelen waar we uren konden van genieten. We volgden het voorbeeld van de ondergaande zon en begaven ons naar de kampbasis om te genieten van ons avondmaal en vervolgens doodmoe te schuilen voor de koude nacht die soms een duik neemt tot -20ºC. Een goede slaapzak is hier duidelijk aangewezen...!

Het was weer vroeg dag, nog voor de zon zijn gouden stralen kon werpen op het meer en de omringende bergen begonnen we onze rugzak te maken en konden we daarna genieten van een lekker ontbijt met verse roereitjes. Na het bedanken van de oude damekes en de rondhuppelende kippen die zonder te veel protest hun bijdrage hebben geleverd, zetten we weer koers voor een dag vol bezienswaardigheden.
Net als de dag voordien waren surrealistische verschijningen de algemene norm, en het werd nog onwaarschijnlijker toen de arbol de piedra in ons vizier kwam. Dit vulkanische gesteente onderging door winderosie een metamorfose waardoor het lijkt een boom te zijn, soortgenootjes ondervonden hetzelfde met dit verschil dat het eerder afbeeldingen zijn van dieren. Daarna stonden er een reeks meren op ons programma die samen de lagunas Altiplanicos genaamd worden. Elk in een blanke kleur dankzij de borax die er te vinden is en bewoond door tientallen Flamingos.

Ondertussen begon ons maagske alweer te grommen, en konden we beginnen aan een reeks bergdorpjes waar traditie en cultuur nog erg levendig zijn, maar stilaan toch het hoofd moeten bieden aan het toerisme en de daarmee gepaard gaande ziekte: de Coca-Cola Compagny heeft ook hier zijn intrede reeds gedaan, ook moeten er vaak enkele Bolivianos (munteenheid van Bolivië) afgegeven worden als je de plaatselijke bevolking of zelfs enkele lama´s op de gevoelige plaat wilt zetten...! Doch is het genieten geblazen van deze kleurrijke taferelen die in de Westerse wereld niet meer denkbaar zijn. Onze tweede dag werd beëindigd in het stadje, waarvan het zoutmeer de naam draagt: Uyuni, die maar weinig charme uitstraalt. Het straatbeeld doet stoffig en arm aan. Zoutwinning is er de voornaamste bezigheid en toeristisch is het enkel een doorgangsluis voor de 3-daagse tocht. De neiging om een dagje extra in te lassen na de tocht om wat uit te rusten en de batterijen te herladen, werd al gauw uit onze planning geschrapt...!

De 3de en dan ook de laatste dag wordt ingezet met een stralend zonnetje, een aangename temperatuur en een ontbijt pas om 9.00h... eindelijk kunnen we wat slaap inhalen. De reden waarom we in Uyuni moesten overnachten en niet in een hotel vlak aan de Salar, zoals eerst was afgesproken met het agentschap, is ons nu dan ook meteen duidelijk: de landcruisers waarmee door de woestijn gescheurd wordt, worden gespaard daar de wagens veel afzien door het zout. Dus stond er voor onze neus dan ook een bijna aftandse landcruiser en een andere gids om ons de rondrit te bieden door de immense zoutvlakte. Iets verderop zagen we onze eerste gids een nieuwe lading toeristen onze voormalige wagen inladen.
Onze eerste halte was een klein dorpje net aan de Salar, een vestiging waar vele families hun brood verdienen met de zoutwinning. Iedere lid van de familie heeft dan ook zijn functie binnen deze kleine bedrijfjes en is er geen sprake van emigratie. Alles wordt hier ook nog steeds met de hand verricht: met een schop worden hoopjes afgeschraapt en vervolgens op de vrachtwagen geladen. Dit wordt naar de dorpjes getransporteerd en afgeladen, nadien wordt dit gedroogd in de oven, fijngemalen en verpakt. Dit alles is een relatief lang proces en bezorgt de families niet het verhoopte inkomen waardoor ze verplicht zijn nevenactiviteiten op te starten, dit vertaald zich in souveniers uit zout en het nabijgelegen zoutmuseum.

Eenmaal terug in de landcruiser gestapt reden we eindelijk richting wat voor ons het hoogtepunt zou moeten zijn: Salar de Uyuni, een zoutvlakte van maar liefst 12.000km2 groot (ter verglijking: Vlaanderen is 13.500km2 groot) op een hoogte van 3650 m. Het omvat naar schatting een 10 miljard ton zout waarvan er maar 25.000 ton gewonnen wordt voor consumptie. Een schitterend spektakel: uren rijden in een witte vlakte met een onveranderende witte horizon, kristaliserende zeshoeken die het oppervlakte een cracklerend effect geven, een hotel te midden in de Salar geconstrueerd in zoutblokken en waarvan alle meubilair uit hetzelfde matriaal ontworpen is en eilanden met een vegetatie enkel en alleen maar van reuzegrote cactussen. Eén eiland, Isla de pescado genaamd (door de weerspiegeling had het in de verte de vorm als een vis...) te midden van de vlakte was onze stopplaats voor de lunch waarna we het gehele eiland konden verkennen. Het contrast van de groengele cactussen die boven ons uittorenden met het wit op de achtergrond was adembenemend. De indrukwekkendste en dan ook de bompa der cactussen was 120 jaar oud en kon dus pochen met een hoogte van 12 meter. Daarna restte er ons alleen nog maar tijd om wat te experimenteren met de digitale camera, daar de uitgestrekte witte vlakte een diepte-elusie teweegbrengt.

Op de terugweg werden we nog getrakteerd op een bezoekje aan het treinkerkhof aan de rand van Uyuni gelegen, wat een desolate indruk gaf.

Een onvergetelijke ervaring...

mucho saludas,
Nele en Wouter

1 opmerking:

Anoniem zei

hey Nele en Wouter,
prachtige beschrijving van de 3-daagse naar Uyuni....alleen van da de vrouwen zo onder den indruk waren van ulle mannelijken torso.....is wa overdreven hoor!!!hihihi
verder alles ok??wij zijn terug in den belgik en het valt wel mee ma is toch ook ni zo geweldig hoor (het is hier toch wel heel duur hoor dus geniet er nog maar van).
Hou jullie goed en geniet nog van het reizen...
Petra en David