15 juli 2006

Granada, Aan de voet van machtige vulkaan Momotombo...

Nicaragua is eigenlijk een uitdaging: nog nauwelijks toeristisch ontdekt biedt het je de mogelijkheid een authentiek land te bezoeken. Het heeft dezelfde uitbundige natuur als buurland Costa Rica met maar liefst 58 vulkanen, rivieren, jungle, verlaten stranden, een grootcentraal meer en eilanden, maar het is er veel minder toeristisch en dus veel goedkoper. Alhoewel, van dat minder toeristisch hebben we inGranada niet veel gemerkt...

Na de vlotte overtocht vanaf Isla Ometepe werden we in Rivas overstelpt door schreeuwerige mannen die ons allen een plaatsje op de bus naar Granada wilden verkopen. Allemaal zouden ze om 2 uur vertrekken.... Een verkooptruc natuurlijk want we hadden al eerder gehoord dat de volgende bus pas ging om 3u30. Slim zijn ze wel hoor om klanten te trekken, maar of je het die arme mensen moet verwijten??? Het opdringerig zijn misschien wel, maar voor de rest zijn het best wel aardige mensen allemaal. Op deze bus ontmoetten we ook een Duits meisje en zij verzekerde er ons van dat we zeker niet alleen zouden zijn in de eerste van de 2 koloniale steden die we zouden bezoeken. Granada is zo gezellig dat vele toeristen er spaans gaan volgen, vrijwilligerswerk gaan doen en bijgevolg soms maanden of jaren blijven hangen.

Een koloniale stad als Granada heeft nog veel overblijfselen uit de 16e eeuw zoals centrale pleinen, kathedralen en kerken, en allemaal in hun eigen opgewekt kleur. Buiten de stad zie je cowboys op paarden en boeren met ossenkarren. De tijd is hier werkelijk soms stil blijven staan. Gesticht in 1524 is Granada trouwens één van de oudste koloniale nederzettingen in Latijns-Amerika. Deze nostalgische plaats met 116.000 inwoners heeft nog veel koloniale gebouwen, musea en statige huizen met tropische tuinen in de patio's. Er is een groot centraal plein waar in de schaduw de lokale bevolking de dag bijpraat. Schoenpoetsertjes, ijsjes venters met belletjes aan hun karretje en paarden(met bloemen in hun manen, jawel) en wagens voor tochtjes door de stad maken het beeld compleet. Al met al is Granada een sfeervolle en romantische plaats waar je rustig door de straten kunt slenteren en nog steeds de sfeer van de eens glorieuze tijd kunt proeven. Vandaar ook dat we er toch een drietal dagen gebleven zijn...

Na wat in de stad zelf geslenterd te hebben zijn we ook een dagje naar Masaya geweest, een stad vooral gekend om zijn grote artisanale markt. Een dag vooral dus voor de meisjes die nooit genoeg krijgen van al dat shoppen.... En 's avonds hadden we ook nog eens geluk dat we getuige mochten zijn van het wekelijkse dorpsfeest. Elke donderdag worden op het centrale plein alle tafels en stoelen buiten gezet. Een podium aan de ene kant van het plein wordt versierd en in gereedheid gebracht door het gelegenheids orkest. Tegen de avond komen de eerste eetstalletjes en rond een uur of acht komen verschillende dansgroepen uit de regio aan de beurt. 't Was echt super om ons te laten onderdompelen in de lokale cultuur en we hebben er dus met volle teugen van genoten.

De laatste dag in deze prachtige stad zijn we eens de waterkant gaan bezichtigen (een strand aan een meer is eens wat anders dan al die witte stranden aan de Pacific of de Caribische zee) en hebben we een boottochtje gemaakt naar Las Isletas, een archipel van 350 kleine eilanden met tropische vegetatie. Per motorboot zijn we de indrukwekkende flora en fauna (waaronder veel watervogels maar ook een paar aapjes) van de vele eilandjes van vulkanische oorsprong gaan bewonderen. (de eilandjes liggen namelijk aan de voet van de Momotombo) Maar wat we ook vooral bewonderd hebben waren de indrukwekkende huizen van de rijke Nicaraguanen die hier elk hun eigen prive-eiland hebben. Een groter contrast met de stad is er bijna niet....

Op naar Granada's eeuwige rivaal... Leon.

Ciao amigos!
Nele en Wouter
Korneel, Veerle, Julie en Steven

Geen opmerkingen: