Zoals het een echt koffiedrinkertje betaamt konden we het zeker niet nalaten om naar de Colombiaanse koffieregio te trekken, de regio rond Manizales en Chinchina, een regio die instaat voor 80% van de Colombiaanse koffie en 60% van de economie van het land.
Manizales ligt in de cordilera occidental van Colombia en is de noordelijkste van de drie grote steden in de zogenaamde Zona Cafetera (de andere zijn Pereira en Armenia). Het is eigenlijk vooral een studentenstad want meerdere universiteiten hebben er hun thuis. Voor ons was het ook een beetje een stad van de 'beau monde' of toch zeker in de buurt waar ons hostal gelegen was. Chique geklede mannen en vrouwen nipten er op terrasjes van de welgekende 'Juan Valdez' (het icoon van de Colombiaanse koffie) koffie of ze gaan er shoppen in een van de vele shoppingcentra vol Diesel en Esprit kleren. Een beetje een vreemd zicht na de onvervalste puurheid van het zuiden.
Wij wilden vooral de natuur rond deze stad bewonderen en daarom trokken we samen met een engels koppel en een zweeds meisje die we in het hostal ontmoet hadden naar Reserva Rio Blanca. Na toestemming gevraagd te hebben aan 'Aguas de Manizales', een autoriteit die instaat voor het waterbeheer en het onderhoud van het park, trokken we te voet verder. Het zou een wandeling zijn van 30 minuutjes hadden ze ons gezegd. Hoe ze hier afstanden en tijden uitrekenen is ons nog altijd een raadsel want de tocht duurde zeker 4 keer zo lang en dan hadden we al goed doorgestapt. Nu soit, het landschap was wederom prachtig dus... Daarboven dan aangekomen werden we opgewacht door onze gids en zij zou ons door de jungle heen naar 'de attractie' van dat park brengen. Duizenden kolibri's kregen we te zien: groot, klein, groen, helblauw, zwart,... een adembenemend schouwspel en slechts op 1 meter van onze neus. Het was de tocht in de hitte zeker waard.
De dag erop wilden we dan eindelijk wel eens een kijkje nemen in het hart van de koffieregio en we trokken naar Chinchina, de koffiestad bij uitstek van Colombia. Het ligt een half uur rijden per bus van Manizales. Op advies van de eigenaresse van het hostel gingen we langs bij een koffiefinca. De eigenaar van de finca stond ons al op te wachten aan de bushalte en na het overvloedig aanbrengen van zonnecreme gingen we op pad. De finca was gelegen boven op een heuvel, Colina del Sol, zo'n 250m boven de stad. Al vanaf de eerste minuut van onze wandeling begon Don Carlos ons te overstelpen met informatie over de koffie. De man had er na zijn 26 jaar durende job in het koffielabaratorium, Cenicafe, zijn hart aan verloren en had de finca van zijn grootouders en ouders opgekocht. Daar wijdt hij zich volledig aan de koffie en daarom wou hij wel heel graag zijn passie delen met toeristen.
Don Carlos begon ons uit te leggen wat de ideale omstandigheden zijn voor koffie (Chinchina heeft al de ideale zaken en is daarom het mekka van de Colombiaanse koffieteelt) en dat alleen de rode en gele koffiebessen worden geplukt. De slechte granen worden verwerkt tot koffie voor de Colombianen (de reden waarom de Colombiaanse koffie in Colombia niet altijd even goed smaakt) en de goede granen worden verwerkt tot koffie voor export naar het Westen. In Cenicafé wordt onder andere onderzoek gedaan naar het bestrijden van plagen (insecten en schimmels) met behulp van genetisch gemanipuleerde koffieplanten. Verder zijn zaken onderzocht als de optimale afstand tussen koffieplanten (!) om zo de productie te maximaliseren. Verder liet hij ons op onze wandeling ook verschillende types koffieplanten zien, en hoe het samen laten groeien van bananen, bamboe en koffie werkt (het groeien van bamboe is trouwens een bewijs dat er veel water is op die plaats wat uitstekend is voor koffie), we kwamen langs meerdere finca's en van overal hadden we een fantastisch uitzicht over de ganse regio.
Na de wandeling kwamen we dan eindelijk aan op zijn finca vanwaar je een prachtig uitzicht hebt op uiteraard Chinchiná met haar koffiefabriek, en Manizales en Los Nevados in de verte. Verder zie je Palestina, een plaatsje op een bergrug, waar een nieuw vliegveld wordt gebouwd en Cenicafé gelegen op een tegenoverliggende heuvel. Tenslotte zie je de weg door de Zona Cafetera die de grote steden met elkaar verbindt en natuurlijk de talloze koffievelden, verspreid over eindeloze groene heuvels. Waarschijnlijk is dit het meest ideale punt om alle facetten van de Zona Cafetera te zien.
Na wat te relaxen op deze rustige finca en het nuttigen van lekkere huisbereide koffie moesten we jammergenoeg afscheid nemen van Don Carlos en begonnen we onze terugtocht naar beneden. Spijtig dat we geen tijd overhebben of we hadden zeker een paar dagen op zijn finca gelogeerd. Een ideale plek om te onthaasten, zoals ze bij ons zouden zeggen, en te genieten van de schoonheid van deze regio en zijn mensen.
Na het lekkerste van Colombia iets beter te begrijpen gaat onze tocht verder, richting Medellin en zijn koloniale stadjes...
Nele en Wouter
Manizales ligt in de cordilera occidental van Colombia en is de noordelijkste van de drie grote steden in de zogenaamde Zona Cafetera (de andere zijn Pereira en Armenia). Het is eigenlijk vooral een studentenstad want meerdere universiteiten hebben er hun thuis. Voor ons was het ook een beetje een stad van de 'beau monde' of toch zeker in de buurt waar ons hostal gelegen was. Chique geklede mannen en vrouwen nipten er op terrasjes van de welgekende 'Juan Valdez' (het icoon van de Colombiaanse koffie) koffie of ze gaan er shoppen in een van de vele shoppingcentra vol Diesel en Esprit kleren. Een beetje een vreemd zicht na de onvervalste puurheid van het zuiden.
Wij wilden vooral de natuur rond deze stad bewonderen en daarom trokken we samen met een engels koppel en een zweeds meisje die we in het hostal ontmoet hadden naar Reserva Rio Blanca. Na toestemming gevraagd te hebben aan 'Aguas de Manizales', een autoriteit die instaat voor het waterbeheer en het onderhoud van het park, trokken we te voet verder. Het zou een wandeling zijn van 30 minuutjes hadden ze ons gezegd. Hoe ze hier afstanden en tijden uitrekenen is ons nog altijd een raadsel want de tocht duurde zeker 4 keer zo lang en dan hadden we al goed doorgestapt. Nu soit, het landschap was wederom prachtig dus... Daarboven dan aangekomen werden we opgewacht door onze gids en zij zou ons door de jungle heen naar 'de attractie' van dat park brengen. Duizenden kolibri's kregen we te zien: groot, klein, groen, helblauw, zwart,... een adembenemend schouwspel en slechts op 1 meter van onze neus. Het was de tocht in de hitte zeker waard.
De dag erop wilden we dan eindelijk wel eens een kijkje nemen in het hart van de koffieregio en we trokken naar Chinchina, de koffiestad bij uitstek van Colombia. Het ligt een half uur rijden per bus van Manizales. Op advies van de eigenaresse van het hostel gingen we langs bij een koffiefinca. De eigenaar van de finca stond ons al op te wachten aan de bushalte en na het overvloedig aanbrengen van zonnecreme gingen we op pad. De finca was gelegen boven op een heuvel, Colina del Sol, zo'n 250m boven de stad. Al vanaf de eerste minuut van onze wandeling begon Don Carlos ons te overstelpen met informatie over de koffie. De man had er na zijn 26 jaar durende job in het koffielabaratorium, Cenicafe, zijn hart aan verloren en had de finca van zijn grootouders en ouders opgekocht. Daar wijdt hij zich volledig aan de koffie en daarom wou hij wel heel graag zijn passie delen met toeristen.
Don Carlos begon ons uit te leggen wat de ideale omstandigheden zijn voor koffie (Chinchina heeft al de ideale zaken en is daarom het mekka van de Colombiaanse koffieteelt) en dat alleen de rode en gele koffiebessen worden geplukt. De slechte granen worden verwerkt tot koffie voor de Colombianen (de reden waarom de Colombiaanse koffie in Colombia niet altijd even goed smaakt) en de goede granen worden verwerkt tot koffie voor export naar het Westen. In Cenicafé wordt onder andere onderzoek gedaan naar het bestrijden van plagen (insecten en schimmels) met behulp van genetisch gemanipuleerde koffieplanten. Verder zijn zaken onderzocht als de optimale afstand tussen koffieplanten (!) om zo de productie te maximaliseren. Verder liet hij ons op onze wandeling ook verschillende types koffieplanten zien, en hoe het samen laten groeien van bananen, bamboe en koffie werkt (het groeien van bamboe is trouwens een bewijs dat er veel water is op die plaats wat uitstekend is voor koffie), we kwamen langs meerdere finca's en van overal hadden we een fantastisch uitzicht over de ganse regio.
Na de wandeling kwamen we dan eindelijk aan op zijn finca vanwaar je een prachtig uitzicht hebt op uiteraard Chinchiná met haar koffiefabriek, en Manizales en Los Nevados in de verte. Verder zie je Palestina, een plaatsje op een bergrug, waar een nieuw vliegveld wordt gebouwd en Cenicafé gelegen op een tegenoverliggende heuvel. Tenslotte zie je de weg door de Zona Cafetera die de grote steden met elkaar verbindt en natuurlijk de talloze koffievelden, verspreid over eindeloze groene heuvels. Waarschijnlijk is dit het meest ideale punt om alle facetten van de Zona Cafetera te zien.
Na wat te relaxen op deze rustige finca en het nuttigen van lekkere huisbereide koffie moesten we jammergenoeg afscheid nemen van Don Carlos en begonnen we onze terugtocht naar beneden. Spijtig dat we geen tijd overhebben of we hadden zeker een paar dagen op zijn finca gelogeerd. Een ideale plek om te onthaasten, zoals ze bij ons zouden zeggen, en te genieten van de schoonheid van deze regio en zijn mensen.
Na het lekkerste van Colombia iets beter te begrijpen gaat onze tocht verder, richting Medellin en zijn koloniale stadjes...
Nele en Wouter
Geen opmerkingen:
Een reactie posten