13 juni 2006

San Augustin... Nog een groter mysterie dan de Machu Picchu??

Nadat we bij de toeristenpolitie geïnformeerd hadden naar de veiligheid langs de weg tussen Popayan en San Augustin en zij ons gerustgesteld hadden dat er het laatste jaar niets meer gebeurd is (vroeger werd deze weg gecontroleerd door de FARC, één van de belangrijkste guerillabewegingen), gingen we op weg naar wat één van de mooiste bestemmingen moest zijn in het binnenland van Colombia.

In het hostal in Popayan hadden ze ons verteld dat de weg 'a little bit bumpy' zou zijn. De weg is echter embarmelijk. Kleine stukjes asfalt uit een lang vergaan verleden maken het alleen maar slechter. Sommige gaten zijn een halve meter diep en we begrepen al snel waarom de bus er 7 uur over doet terwijl het slechts 130 kilometer is. In het begin was het nog plezant, maar na 7 uur 'bumpy' deden al onze ribben zeer en zat onze maag in ons keelgat. Nu soit, het fantastische landschap maakte veel goed en toen we uitstapten in dat kleine dorpje was alles snel vergeten.

De indiaanse cultuur San Agustín (1000 v.C – 1500 n.C.) is een van de bekendste van de precolumbiaanse beschavingen die zich in gebied van het huidige Colombia ontwikkelden. De cultuur kwam tot bloei in het gebied van het departement Huila en in het noorden van het departement Caqueta, en verdween rond 1500 n.C.
Ondanks de vele onderzoekingen en publicaties is er weinig met zekerheid bekend over de San Agustín-indianen omdat de cultuur al verdwenen was voor de ontdekking door de Europeanen in de 18e eeuw. Vandaar ook dat bij de rondleidingen tijdens onze diverse uitstappen in de buurt men niet al te veel uitleg wou geven, men is van niets zeker en men wil dus niemand blaasjes wijsmaken (nog zo'n groot verschil met andere landen waar het er niet toe doet of de verhaaltjes van de gids waar zijn of niet)

San Agustín is vooral bekend voor zijn indrukwekkende antropomorfe standbeelden, die deel uitmaakten van grafplaatsen maar die ook wel verspreid in kleine groepen over het gebied worden aangetroffen. De grootte van deze magnifieke "bewakers van steen", die mensen en dieren weergeven, varieert van twintig centimeter tot zeven meter. Daarnaast vindt men allerhande versieringen in natuurlijke steenformaties. Voorbeelden hiervan zijn de petroglyfen in La Chaquira en de Fuente de Lavapatas. De bron van Lavapatas is een groep van versieringen, in de vorm van kikvorsachtigen, slangen, zoogdieren en menselijke gezichten, uitgehakt op de rotsige bodem van een rivier. De kenmerkende standbeelden van de San Agustín maakten deel uit van begrafenisrituelen. Soms wordt een standbeeld omgeven of bewaakt door krijgers, daarmee de macht en het gewicht van de overledene aangevend. De standbeelden zijn veelal mannelijke figuren, die dierkenmerken vertonen van vleermuizen, alligators of katachtigen. Karakteristiek zijn ook de beelden met hun alter ego. Dit zijn beelden van manfiguren met op hun rug een dierfiguur. Kenmerkend voor de stijl van de sculptuur zijn de uitpuilende amandelvormige ogen, platte neuzen, en woeste monden met kruisende hoektanden. Het zijn over het algemeen menselijke figuren met een rechte romp met hoge vierkante schouders, en een in verhouding groot hoofd. De beelden werden vervaardigd uit vulkanisch gesteente uit de omgeving. Iets heel opmerkelijks in deze cultuur was wel, en dit in tegenstelling tot veel andere culturen, is dat de vrouw op dezelfde hoogte stond als de man. Een vrouw kon evengoed sjamaam of dorpshoofd worden en ook zij kreeg net als de mannen een aantal maagden toegewezen.

Vanaf het begin van de 19e eeuw tot en met de eerste helft van de 20e eeuw werd veel wetenschappelijk en privaat ontdekkingswerk ondernomen. Op dit moment zijn de monumenten beschermd in het Archeologisch park San Agustín dat wordt beheerd door het Colombiaans Instituut voor de Antropologie en waar momenteel een 35tal beelden over een groot park verspreid staan. In 1995 werd het park door de Unesco op de Werelderfgoedlijst geplaatst.

Het archeologisch park hebben we de eerste middag van ons verblijf daar bezocht. Ideaal om een beeld te krijgen van wat we de volgende dag nog mochten verwachten alsook om toch iets van het ganse mysterie een beetje beter te begrijpen. De 2e dag hadden we heel graag de omgeving verkend te paard, maar door de reeds gekende gebeurtenissen hielden we het maar bij een fantastische jeeptocht. Niet alleen de sites, 4 in het totaal, waren fantastisch, ook de omgeving was gewoonweg prachtig. Overal koffie en bananenplantages omgeven door gigantische rietsuikerplantages. En gezien het net de periode was om rietsuiker te verwerken kregen we ook de kans om dergelijke boerderij waar ze met man en macht aan het werken waren te bezoeken. Fantastisch wat die mensen presteren want het is keihard en heel intensief werk en dat enkel maar voor een peulschil. (2 kg Panela, verwerkte rietsuikerstengels, het stadium voor de echte suiker, konden ze verkopen voor 2000 COP wat zo 0.70 euro is)

Maar wat ons verblijf in San Augustin nog extra speciaal maakte was het feit dat we in plaats van een klassiek hostal gekozen hadden voor een kamer op een boerderij een eindje buiten het centrum. Die boerderij werd bewoond door een oudere dame en 2 van haar dochters en hun man en voor ons was het superinteressant allemaal. Die dame was superblij met ons bezoek en liet dan ook met veel trots haar velden vol koffie, bananen, mandarijntjes, limoenen, de meest exotische bloemen etc zien. En ook het eten dat ze ons voorschotelde was verrukkelijk, allemaal recht uit de tuin. 't Was dan ook lastig afscheid nemen van deze fantastische plek en haar vriendelijke bewoonster die onze kleine rugzak nog snel volpropte met vers fruit uit haar tuin....

Op naar het noorden, naar de koffieregio...

Nele en Wouter

Geen opmerkingen: